Ceija Stojka (1933-2013) – Oorlogsherinneringen van een Roma

22/10/2018 door Tamara

Ceija Stojka is tien jaar als ze met haar familie naar Auschwitz wordt gedeporteerd. In twee jaar tijd komt het Roma meisje in drie concentratiekampen terecht, die ze wonderlijk genoeg overleeft. Jarenlang zwijgt Stojka over de Holocaust, maar vanaf haar 55ste begint ze zich te uiten. Ze schrijft talloze gedichten en teksten, waaronder het boek Wij leven in het verborgene. Ook maakt Stojka meer dan duizend schilderijen en tekeningen. Op onnavolgbare wijze brengt deze autodidact en veerkrachtige geest haar oorlogservaringen in beeld en maakt deze invoelbaar. Stojka vertelt daarmee niet alleen haar eigen verhaal als Roma kind, maar tegelijk ook het universele verhaal van het lijden van kinderen in oorlogstijd. In Nederland is Ceija Stojka nog nagenoeg onbekend. Museum Het Valkhof brengt daar verandering in met een uitgebreid overzicht van haar werk.

Ceija Stojka is in 1933 in Oostenrijk geboren als de vijfde van zes kinderen. Haar familie maakt deel uit van de Lowara, Roma paardenhandelaren uit Centraal Europa. Het gezin trekt door Oostenrijk, tot de angst voor de Nazi’s te groot wordt en onderduiken bij vrienden in Wenen de beste oplossing lijkt. Er volgen onzekere jaren, waarin de vader van Stojka wordt opgepakt en omgebracht. In 1943 pakken de Nazi’s Stojka en haar familie ook op en deporteren hen naar Auschwitz-Birkenau. Vandaaruit worden ze naar het werkkamp Ravensbrück gebracht en later naar Bergen-Belsen. Ceija Stojka overleeft de vele ontberingen naar eigen zeggen omdat ze tijdens de kampperiode bij haar moeder kan blijven.

Nooit meer vergeten
Veertig jaar later voelt Stojka de behoefte om haar verhaal te vertellen. Hoewel ze nagenoeg autodidact is, schrijft ze vier aangrijpende boeken in een zeer persoonlijke, poëtische stijl. Als een van de eerste Roma vrouwen en overlever van de Holocaust deelt ze haar ervaringen, vanuit de wens dat men deze geschiedenis nooit meer vergeet of ontkent. Ook neemt ze positie in tegen het toenemende racisme in Oostenrijk in een tijd dat extreem rechts en nationalistische partijen terrein winnen. Door de boeken die ze tussen 1988 en 2005 uitbrengt, maakt ze snel naam als pro-Roma activiste in Oostenrijk. Ze doet dat met zoveel verve dat in 2014 in Wenen een plein naar haar vernoemd is en ze door de Paus is ontvangen  in Rome.

Helle en dunkle Bilder
Vanaf 1990 wijdt Stojka zich ook aan schilderen en tekenen, opnieuw als autodidact. Ze werkt iedere dag in haar Weense appartement tot kort voor haar overlijden in 2013. In twee decennia ontstaat een oeuvre van meer dan duizend tekeningen en schilderijen. Opmerkelijk is het perspectief dat uit de beelden spreekt, alsof Stojka tijdens het maken in het kind van toen verandert. Haar werk valt te verdelen in grofweg twee categorieën. Enerzijds de ‘dunkle Bilder’, grafische weergaven van de afschrikwekkende oorlogsjaren en de periode van gevangenschap die haar familie en haar volk moeten doorstaan. Het zijn veelal zwarte inkttekeningen waaruit alle kleur is weggeslopen. Anderzijds de ‘helle Bilder’, vrolijk gekleurde, idyllische landschappen die de vooroorlogse jaren weergeven, als de Stojka familie en andere Roma frank en vrij met hun paarden en huifkarren door het Oostenrijkse platteland trekken.

SS-ers, sneeuw, wind en kraaien
In de expositie zijn meer dan 100 kunstwerken bijeen gebracht die samen het verhaal van Stojka vertellen, van de vooroorlogse jaren tot de terugkeer naar het vrije leven. De werken over de drie concentratiekampen vormen het hart van Stojka’s artistieke productie en van de tentoonstelling. Het zijn nachtmerrieachtige beelden vol prikkeldraad, rook, SS-ers, wind, sneeuw en kraaien. Sommige werken bestaan uit beeld én tekst en geven zo nog meer intensiteit aan de voorstelling. Ook is een deel uit de film Unter den Brettern hellgrünes gras (2005, Karin Berger) te zien, waarin Stojka vertelt over haar ervaringen, evenals schetsboeken, foto’s en documentatiemateriaal.
De tentoonstelling is samengesteld door gastcuratoren Paula Aisemberg, Noëlig Le Roux, Xavier Marchand, met hulp van Nanda Janssen en was eerder te zien in La Friche Belle de Mai-Marseille, La Maison Rouge in Parijs en zal na Nijmegen doorreizen naar Museo Reina Sofía in Madrid.

Kinderen van de oorlog
Ter nagedachtenis aan 75 jaar oorlogsdoden Nijmegen is tegelijkertijd de tentoonstelling Kinderen van de oorlog in Museum Het Valkhof te zien. Uitgangspunt voor de tentoonstelling is het fotoarchief van de Werkgroep Oorlogsdoden Nijmegen, waarin meer dan 200 kinderen opgenomen zijn. Een deel van hen krijgt een plek in de tentoonstelling. Zo zijn onder meer foto’s te zien van kinderen die omkwamen bij het bombardement op Nijmegen in februari 1944, Holocaust slachtoffers en kindsoldaten die de oorlog al dan niet overleven. Fotografe Annie van Gemert (1958) reageert op de historische foto’s met nieuw werk waarin hedendaagse kinderen die uit een oorlogssituatie komen, centraal staan. Op die manier zijn verleden en heden met elkaar verbonden, en wordt eens te meer duidelijk dat geweld van alle tijden is. Toch is de boodschap die Kinderen van de oorlog meegeeft een hoopvolle: door de dromen en plannen van de nieuwe generatie te verwoorden, is te zien hoe kinderen de kracht vinden om verder te gaan.